Atelier ‘Abel Dinc' |
Beelden van Frans Kegels |
‘Kunst is leven…..’
In mijn tiende levensjaar zet ik in Westdorpe, een dijkdorp vlak bij Sas van Gent, voor de eerste keer mijn voet over de drempel van galerie ‘Troutzaerte’. Het begin van mijn vele ontmoetingen daar met de vooraanstaande kunstenaars uit de jaren 1960 en 1970. Ik word gevoed door de kwaliteiten van Nico Molenkamp, Ger Lataster, Jan Sierhuis, Wessel Couzijn, Pearl Perlmutter, Paul Citroen, Wim Rijvers. Later door Marijke Geys, Edvard Munch, Roger Raveel, Antoni Tàpies en Picasso.
In deze omgeving kan het niet anders dan dat mijn liefde voor de kunst opbloeit.
Op mijn twaalfde begin ik een schriftelijke tekencursus. Dit voldoet niet aan mijn verwachtingen. Op mijn zoektocht ontmoet ik in Zelzate, vlak over de Belgische grens de kunstenaar Jean van Houte, waarbij ik elke woensdagmiddag van de lucht van olieverf geniet. Hij wijdt mij in, in de wereld van verf, penselen, doek, compositie en kleurgebruik. Vreemd genoeg begint hij niet met vaktechnisch tekenen, maar ontwikkelt hij mijn gevoel voor schilder en tekenmaterialen en hun mogelijkheden. Later vind ik dit principe terug bij Paul Citroen. Mijn smeulend vuur begint vlammen te vertonen en zal niet meer uitgaan.
Met de boodschap ‘Van kunst krijg je geen brood op de plank’, moet er een vak worden geleerd. Na de opleiding tot leraar, kom ik in 1972 terug naar Sas van Gent. Vrijwel meteen vind ik werk in het onderwijs en start datzelfde jaar aan de Academie voor Schone Kunsten in Eeklo (B) de avond en weekend opleiding tekenen / schilderen. Na het halen van het diploma voeg ik er nog de opleiding zeefdrukken aan toe.
Tegen het eind van deze academietijd, groeit mijn belangstelling voor conservering en restauratie. De wegwerptijd raakt een beetje uit. De algemene belangstelling voor behoud en nostalgie komt op. Precies op tijd, want ik wil mijn steentje in het behoud van ons kunst en cultuurerfgoed bijdragen.Onder begeleiding van twee restauratoren die mij de knepen van het vak leren, ben ik in 1984 zover in de technieken ingewijd, dat ik mijn eigen praktijk voor restauratie van aardewerk en porselein kan starten. Onder de oud middeleeuwse naam ‘Abel Dinc’ ,wat zoveel betekent als ‘voorwerp dat uitteigt boven het gewone’ openen wij ons atelier.
In de komende jaren ontwikkelt mijn gevoel voor ruimtelijk werken als vanzelf.
Tegen het eind van de twintigste eeuw, wakkert echter mijn vuur van het vrij vormen weer aan. De eerste blok boetseerwas wordt gekocht en de vingeroefeningen beginnen. Eind 2000 worden de eerste kleine beeldjes in brons gegoten.
Al snel volgt een tweede golf beelden. Met mijn fascinatie voor glas, duurt het niet lang of ik zoek een weg het brons hiermee te combineren.
In het glasatelier van Roel Lambert in Niel(B), ontmoet ik bij mijn kennismaking ook Koen Vanderstukken……. en het glas vloeit.
Diezelfde maand worden er stukken gegoten en geblazen. Mijn besluit staat vast, ik ga mij volledig op mijn eigen werk storten. Januari 2007 sluit dan ook het restauratie atelier. De naam wijzigt in: ‘Atelier Abel Dinc’ - beelden van Frans Kegels.
2006 Is het jaar dat gegoten glas gecombineerd wordt met cor-ten staal, gevolgd in 2007 door een serie objecten met handgetrokken glasstaven en optisch glas.
Op 22 maart 2007 gooit een hartinfarct roet in het eten. Aan het eind van 2007 kan ik de draad weer opnemen en begin aan vier speciale projecten: ‘Reizen’, ‘Documenten’, ‘Sporen’ en eind 2008 ‘100 Ikjes’ 100 kleine pen/penseel tekeningen en aquarellen, die klaar zijn op 7 februari 2009, de dag voordat ik 60 wordt. ‘Leven is kunst’

Openingstijden:
Elke donderdag, vrijdag en zondag,
telkens van 13.00 tot 17.00 uur,
als de deur toevallig open is
of op afspraak.